Zondag 3 januari 2021

Lezing uit: Lukas 2: 22-35

Lieve mensen van God,

Jonge ouders vinden het doorgaans prettig

wanneer hun pasgeboren kindje door het bezoek wordt geprezen,

omdat het er altijd toch zo schattig, lief en nog onschuldig uitziet.

Hun verwondering om het nieuwe leven is heel groot

en die verwondering willen ze graag delen.

Die verwondering is voor mijn gevoel de omlijsting van de hoop:

de hoop dat een nieuwe, betere wereld mogelijk moet zijn.

Elk kindje heeft zo toch altijd iets van een kerstkindje,

alleen omdat het een kindje is, zo puur, zo kwetsbaar, zo echt.

En natuurlijk weten ze wel dat er van alles mis kan gaan, de ouders.

Dat het kindje misschien wel een rugzakje kan hebben.

Dat er een ongeluk kan gebeuren of dat het ziek kan worden.

Of dat het later verkeerde keuzen gaat maken.

Of dat het een vluchtelingenkind zou kunnen worden vanwege armoe of oorlog.

Dat weten ze allemaal, maar daar willen ze even niet aan denken.

Ze willen de droom zolang mogelijk vasthouden en gelukkig zijn.

gewoon domweg gelukkig blíjven, dat willen ze.

Eerstvolgende viering

Actie Kerkbalans

Download de Collecte App

qr cvk