Zondag 4 april 2021: Paasmorgen

tekst: Markus 16, 1-8. 

Overdenking

Lieve mensen van God, gemeente van Jezus Christus,

1) De gevoelens van drie vrouwen

Op deze Paasmorgen lopen wij als het ware mee met die drie vrouwen die in de vroege morgen naar het graf van Jezus gaan.

En ik wil met u proberen te peilen wat er in hen om is gegaan aan gevoelens.

Ik wil u meenemen in hun verlangen, hun teleurstelling, hun schrik, hun bekering en hun extase.

 

Markus beschrijft de ervaring van drie vrouwen.

Bijna heel zijn evangelie is een mannenverhaal geweest, maar als het erop aan komt zijn het vrouwen die overblijven.

Deze drie vrouwen zijn ook de vrouwen die bij het kruis blijven staan en niet wegvluchtten.

Ze zijn een voorbeeld van trouw, zachtheid en doorzettingsvermogen.

Het is vroeg in de ochtend, na de sabbath.

De winkels zijn weer open en de vrouwen kopen vroeg in de morgen olie om Jezus te gaan balsemen.

“De zon gaat op” staat er ten overvloede.

Of is dat al een verwijzing naar het definitieve licht dat hen zal opgaan straks…?

Wat is de drijfveer van deze vrouwen?

Want ze weten toch dat je een lichaam balsemt vóór de begrafenis?

En ze weten toch vast ook wel dat Jezus al gebalsemd WAS, toen hij nog leefde,

door die vrouw die alles gaf wat ze had?

En ze weten toch ook wel dat er een grote steen voor het graf ligt?

Ze vragen zich dat ook openlijk af, als ze op weg zijn.

Ik moet denken aan de mensen die ik regelmatig naar de begraafplaats achter onze kerk zie gaan.

Sommige mensen komen er wel drie keer in de week, vertellen ze mij.

Wat zoeken ze daar?

Ze weten toch dat er een grote steen op het graf van hun geliefde ligt?

Ik proef hier een groot verlangen naar nabijheid in.

Je wilt alles doen wat je kan om dichtbij je geliefde te zijn.

Om te voelen hoe het ook al weer was.

Om even te vertellen hoe het gaat….

2) De steen

Als ze bij het graf komen kijken ze op en zien ze dat de steen weg is.

Hetzelfde werkwoord voor ‘zien’ stond ook eerder in het evangelie toen dezelfde vrouwen zagen dat Jezus werd gekruisigd en in zijn graf werd gelegd. (Mk 15, 40 en 47)

Ze weten niet wat ze zien want de steen is al weggerold terwijl hij ‘zeer groot’ was.

Met wat voor ogen kijken zij daarnaar? En wij?

Ja, die steen.

Die staat natuurlijk voor alles wat definitief dood is en voor de werkelijkheid die soms zo hard is als graniet.

Het is de harde werkelijkheid van de dood, 

maar ook van het kwaad dat maar geen einde kent.

Ook Bibian Mentel gaat dood, kerkgangers gaan op de vuist met journalisten, mensen in de politiek zijn soms niet te vertrouwen, mensen hebben korte lontjes, al of niet versterkt door Corona en zo kan ik nog wel even doorgaan.

Daar word je moe van.

We kennen dat gevoel allemaal wel.

Maar toch gaan die vrouwen naar dat graf!

Ze nemen olie mee terwijl ze weten dat het eigenlijk te laat is en onbegonnen werk.

Dat valt mij op.

Er brandt in hen nog steeds een verlangen!

3) De jongeman

En dat verlangen wordt enorm aangewakkerd nu de zon is opgegaan.

De steen is weggerold en als ze het graf binnengaan zit daar een jonge man, in het wit.

Ze schrikken vreselijk, staat er, en dat is te begrijpen.

Wie die jonge man is blijft onbekend.

Je denkt aan een engel, maar dat woord wordt niet genoemd.

Zou het dezelfde onbekende jonge man zijn die eerder, bij Jezus’ gevangneming, meeloopt en tevergeefs wordt gearresteerd?

Of is het de evangelist Markus zelf die zichzelf hier in het graf neerzet en als boodschapper doorgeeft wat er nu moet gebeuren?

De jongeman in het wit spreekt hen toe en wijst de lege plek aan naast zich:

“Jezus is er niet, hij is opgewekt.

Ga weg van hier en ga hem achterna richting Gallilea”

Daar staan die vrouwen, midden in het graf.

Hier vindt het beslissende moment plaats.

Hier vindt hun bekering plaats.

De weg naar binnen, richting de dood, wordt omgedraaid, richting het leven.

Hier beseffen zij: we moeten weer terug, naar de discipelen, naar Gallilea.

daar waar het allemaal begon.

We gaan verder met het werk dat Jezus dat was begonnen:

de weg van de liefde, de weg van het zoeken van wat verloren is, de weg van het Koninkrijk.

De vrouwen komen tot inzicht.

Ze zien!

Ze zien nu vooral met hun hart: dit graf is niet het einde.

Als wij teruggaan naar Gallilea zullen wij hem zien en hem navolgen.

4) Een open einde

Maar als dat zo is zou je verwachten dat er staat dat die vrouwen met nieuwe kracht en vol vreugde het graf uitlopen.

Maar dat staat er niet.

Het evangelie van Marcus eindigt met de vlucht van de drie vrouwen bij het graf vandaan,

met vrees en ontzetting en stilzwijgen.

Hier vallen de Griekse woorden ‘trauma’ en ‘extase’ die wij ook nog kennen in onze taal.

Het is een mix aan gevoelens: dit kan toch niet waar zijn?

Officieel eindigt het Marcus-evangelie met deze woorden.

Omdat het zo abrupt lijkt hebben mensen er later nog vertellingen over de verschijningen van Jezus aan toegevoegd, 

maar Marcus heeft dat zelf niet zo bedoeld.

Zijn evangelie heeft bewust een open einde.

Het is een uitnodiging aan de lezer om, net als die vrouwen,

de oproep van de jongeman in het wit te volgen:

ga weg van hier, van deze plaats van de dood.

Richt je niet op de dood, maar op het leven.

Ga weer terug naar Gallilea, waar het verhaal met Jezus begon.

Dat zal nooit eindigen als jullie dezelfde weg gaan, Hem achterna.

Het is geen triomfantelijk einde in het evangelie van Markus.

Dan zou het verhaal van Jezus pas echt ten einde zijn en klaar.

Maar nee, het verhaal van Jezus gaat door in de oproep om hem te volgen en hem zo te ‘zien’.

Eigenlijk begint alles weer opnieuw, in Gallilea.

De drie vrouwen zijn in het graf definitief bekeerd ten leven,

ook al moeten ze ook van de schrik bekomen en houden ze eerst nog hun mond.

Die jongeman op die vroege morgen heeft hun blikrichting diep van binnen definitief veranderd.

5) Bibian Mentel

Ik moet denken aan een andere vrouw deze morgen.

Ik noemde haar al, ik bedoel Bibian Mentel, die afgelopen week overleed.

Vlak voor haar overlijden zei ze in een interview:

‘ik wil herinnerd worden als iemand die hoop gaf aan gehandicapte mensen

Ik wil herinnerd worden als iemand die mensen de kracht gaf om te kijken naar hun mogelijkheden.

Ik ben niet gelovig, maar ik geloof in de liefde.

Graag had ik nog langer geleefd, maar het is goed zo.’

Dat is toch prachtig!

Deze vrouw die van zichzelf zegt dat ze niet gelooft in God,

is wel een voorbeeld van wat die jongeman in het wit in het graf bedoelde:

“richt je blik niet op de dood, op wat niet meer kan, op het graf,

maar keer je om, ga het graf uit en vlucht hier weg, richting Gallilea.

Daar is Jezus te vinden, bij de gebrokenen en de verlorenen der aarde.

Daar zul je Hem zien!

Jezus was degene die de droom van Jesaja in zijn hoofd had en uitvoerde:

de steppe liet hij bloeien

de dode liet hij leven,

de blinden werden de ogen geopend.

Hij was net als Bibian Mentel een mens die dacht in mogelijkheden.

Zo mag hij ook opstaan in ons,

als wij ons omdraaien, weg van het graf.

zo moge het zijn

Eerstvolgende viering

Actie Kerkbalans

Download de Collecte App

qr cvk